Font Size

SCREEN

Profile

Layout

Menu Style

Cpanel

Economische Zone

Containers te KoningspleinEen Economische Zone (ook wel E-zone of Freezone genoemd) is een stuk terrein of gebouw dat is aangewezen als zondanig.

Er bestaan 2 soorten E-zones: goederen E-zones en diensten E-zones. Belangrijkste fiscale kenmerk van deze E-Zones is het feit dat het tarief voor behaalde winsten door deze vennootschappen slechts 2% bedraagt. Dit percentage is gegarandeerd tot 1 januari 2026.

Lees meer: Economische Zone

Winstbelasting algemeen

De winstbelasting van de Nederlandse Antillen heeft zich vanaf 1940 ontwikkeld tot de wetgeving zoals we die thans kennen. Daarvoor werd belasting geheven overeenkomstig de bepalingen van de inkomstenbelasting. Destijds was de nieuwe winstbelasting wetgeving gebaseerd op zowel de Nederlandse wetgeving, alsook de wetgeving van Nederlands Indië.

De Nederlandse wetswijzigingen daarna werden veelal niet gevolgd, waardoor de Nederlands Antilliaanse belastingheffing naar de winst behoorlijk is gaan afwijken van de Nederlandse. Dit komt voornamelijk doordat de Nederlandse Antillen te klein zijn om voor elke situatie wetgeving te ontwikkelen. Bovendien zijn de ondernemingen veelal stukken kleiner dan in Nederland.

Daarnaast werd de financiële offshore markt bediend met speciale wetgeving. Hierdoor werd het voor veel internationaal opererende concerns aantrekkelijk een deel van de belastingheffing tegen een laag tarief op de Nederlandse Antillen te laten belasten, in plaats van in een ander land tegen een hoog belastingtarief. Aruba heeft bij het verkrijgen van de Status Aparte in 1986 de belastingwetgeving overgenomen van de Nederlandse Antillen. Vanaf dat moment hebben zij echter een eigen ontwikkeling doorgemaakt, alhoewel op verschillende vlakken samengewerkt werd. Zeker de laatste jaren is het snel gegaan met het verder uiteen lopen van de wetgevingen, wat voornamelijk het gevolg was van de wijzigingen die de Nederlandse Antillen aanbrachten in de huidige wetgevingen en het invoeren van nieuwe belastingen.

Door de grote overheidstekorten in de Nederlandse Antillen werd de belastingwetgeving sterk uitgebreid en verscherpt. Het VAS systeem werd ingevoerd en van toepassing met ingang van 1 januari 1996 voor de onshore vennootschappen. Onder druk van de internationale financiële wereld is de Nederlandse Antillen gaan werken aan een nieuw raamwerk van belastingheffing. Deze zijn per 1 januari 2001 van kracht geworden.

Na het uiteenvallen van het Land van de Nederlandse Antillen zal de winstbelasting op Curaçao en van St. Maarten van elkaar gaan verschillen, zoals ook de winstbelasting van Aruba thans verschilt van die van de Nederlandse Antillen.

Vrijgestelde vennootschap

Een vrijgestelde vennootschap richt je niet op. Het is namelijk een fiscale term voor een naar Nederlands Antilliaans recht opgerichte besloten vennootschap die voldoet aan een aantal overige voorwaarden. Indien aan die voorwaarden voldaan wordt, is (op verzoek) over de behaalde fiscale winst geen winstbelasting verschuldigd. Wel valt de vennootschap onder de bepalingen van de Landsverordening op de winstbelasting 1940 en dient zij bijvoorbeeld wel aangifte te doen voor de winstbelasting.

De vrijgestelde vennootschap is populair als tophoudster voor lokale structuren met een lokale aandeelhouder/natuurlijk persoon omdat niet het daadwerkelijk dividend dat uitgekeerd wordt aan de natuurlijk persoon belast wordt, maar een vast fictief rendement van 4% naar de waarde in het economische verkeer van de vrijgestelde vennootschap (en alles wat door deze vennootschap gehouden wordt).

Ook wordt de vrijgestelde vennootschap veel gebruikt om overtollige kasmiddelen (en de beleggingen) te parkeren door deze beleggingen uit te laten zakken naar een dergelijke vrijgestelde vennootschap met een hoog kapitaal. Door toepassing van de deelnemingsvrijstelling van de houdstervennootschap kan  (een groot deel van de) belastingheffing over de rendementen van deze beleggingen worden voorkomen. 


Hieronder volgt de huidige tekst voor toepassing van de vrijgestelde vennootschap. De tekst is onlangs gewijzigd.Op een tijdig ingediend verzoek (binnen drie maanden na publicatie van de wijziging) kan toepassing van deze regeling uitgesteld worden tot na het boekjaar 2010.

1. In deze landsverordening wordt verstaan onder:

f. Vrijgestelde Vennootschap: een als zodanig door de Inspecteur op schriftelijk verzoek overeenkomstig het vijfde lid aangemerkte naar het recht van de Nederlandse Antillen opgerichte besloten vennootschap welke gedurende het boekjaar zonder onderbreking voldoet aan de volgende voorwaarden:

1º. het bestuur van de vennootschap houdt een register bij waarin de namen en adressen van de uiteindelijke gerechtigden die een belang van tien percent of meer in de vennootschap hebben zijn opgenomen;
2º. het bestuur van de vennootschap bestaat uitsluitend uit één of meerdere op de Nederlandse Antillen wonende natuurlijke personen of op de Nederlandse Antillen gevestigde gecertificeerde trustbedrijven dan wel bestuurders van gecertificeerde trustbedrijven en overige bij deze trustbedrijven werkzame personen;
3º. het bestuur van de vennootschap maakt jaarlijks een jaarrekening op die door een door de algemene vergadering benoemde onafhankelijke deskundige wordt gecontroleerd en binnen twaalf maanden na afloop van het boekjaar van een goedkeurende verklaring wordt voorzien. Voorts stelt de onafhankelijke deskundige de verklaring, bedoeld in het tiende lid, op indien door de vennootschap in het betrokken boekjaar dividenden zijn genoten als bedoeld in dat lid;
4º. de statutaire doelstelling van de vennootschap en haar feitelijke werkzaamheden bestaan uitsluitend of nagenoeg uitsluitend uit het verrichten van kredietuitzettingen, het in licentie geven van intellectuele en industriële eigendomsrechten en soortgelijke vermogensrechten of gebruiksrechten naar het recht van de Nederlandse Antillen of naar het recht van andere landen, beleggen in effecten en deposito's; en
5º. de vennootschap is niet als een bank of andere financiële instellingen onderworpen aan het toezicht van de Bank van de Nederlandse Antillen;

g. dividend: uitdeling uit de volgens haar statutaire jaarrekening bepaalde winst dan wel winstreserve door een vennootschap, met een in aandelen verdeeld kapitaal, daaronder begrepen hetgeen wordt uitgekeerd op winstbewijzen, oprichtersbewijzen en soortgelijke rechten. Onder dividend wordt niet begrepen hetgeen door een vennootschap wordt betaald ter verkrijging van eigen aandelen, winst- en oprichtersbewijzen en soortgelijke rechten en hetgeen bij liquidatie door de vennootschap wordt uitgekeerd met betrekking tot zodanige aandelen, winst- en oprichtersbewijzen en soortgelijke rechten. Terugbetaling van gestort kapitaal - met inbegrip van stortingen van informeel kapitaal die statutair in de winst(reserves) zijn begrepen - in enige vorm en de uitreiking van bonusaandelen worden evenmin als dividend aangemerkt.
2. Onder gecertificeerd trustbedrijf in het eerste lid, onderdeel f, onder 2°, wordt verstaan een trustbedrijf dat voldoet aan de door de Minister van Financiën te stellen voorwaarden.
3. Onder bestuurders van gecertificeerde trustbedrijven en overige bij deze trustbedrijven werkzame personen in het eerste lid, onderdeel f, onder 2°, wordt verstaan de bestuurders en personen die voldoen aan de door de Minister van Financiën te stellen voorwaarden.

4. Indien de statuten van de vennootschap, bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, bepalen dat de bestuurstaken worden verdeeld over een algemeen bestuur en een dagelijks bestuur dan mag in afwijking van het eerste lid, onderdeel g, onder 2°, het algemene bestuur mede bestaan uit één of meerdere buiten de Nederlandse Antillen wonende natuurlijke personen mits deze personen, indien zij tot vertegenwoordiging van de vennootschap bevoegd zijn, daartoe slechts gezamenlijk met één of meer van de in het eerste lid, onderdeel f, onder 2°, bedoelde personen bevoegd zijn.

5. De Inspecteur stelt de besloten vennootschap binnen twee maanden na ontvangst van het in het eerste lid, onderdeel f, bedoelde verzoek schriftelijk in kennis van zijn beslissing op het verzoek. Indien bedoelde kennisgeving niet binnen genoemde termijn wordt verzonden, wordt het verzoek geacht te zijn ingewilligd.

6. Bij inwilliging van het verzoek, bedoeld in het vijfde lid, geldt zulks met ingang van het jaar volgend op het jaar waarin het verzoek is gedaan met dien verstande dat ingeval het verzoek is gedaan binnen drie maanden na de oprichting zulks geldt met ingang van die datum. Indien echter een besloten vennootschap een Vrijgestelde Vennootschap is geweest en vervolgens een belaste vennootschap is geworden, kan de besloten vennootschap niet binnen zesendertig maanden nadat zij een belaste vennootschap is geworden opnieuw aangemerkt worden als een Vrijgestelde Vennootschap.

7. Indien een besloten vennootschap schriftelijk aan de Inspecteur verzoekt niet meer aangemerkt te worden als een Vrijgestelde Vennootschap, wordt deze vennootschap een belaste vennootschap met ingang van het jaar volgend op het jaar waarin het verzoek is gedaan.
8. Ingeval een besloten vennootschap niet meer aan de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, voldoet, wordt deze vennootschap een belaste vennootschap met ingang van het boekjaar waarin niet langer voldaan wordt aan evengenoemd lid.
9. Een Vrijgestelde Vennootschap, die een beschikking als bedoeld in het dertiende lid heeft ontvangen, wordt een belaste vennootschap met ingang van het boekjaar volgend op het boekjaar, waarin die beschikking onherroepelijk is geworden.
10. Indien door een Vrijgestelde Vennootschap in enig boekjaar dividenden zijn ontvangen, welke zijn uitgekeerd op aandelen in een vennootschap, die niet binnen de Nederlandse Antillen, Aruba of Nederland is gevestigd, verstrekt de in het eerste lid, onderdeel f, onder 3°, genoemde onafhankelijke deskundige bij diens goedkeurende verklaring van de jaarrekening een verklaring ten behoeve van de Inspecteur inhoudende dat de vennootschap, die de dividenden heeft uitgekeerd, onderworpen is aan een belasting die aldaar in enige vorm naar de winst wordt geheven en vergelijkbaar is met de Nederlands-Antilliaanse winstbelasting. Een winstbelasting-regime dat voorziet in een belastingtarief, dat de helft bedraagt van het Nederlands-Antilliaansewinstbelastingtarief - zonder eilandelijke opcenten -, wordt in ieder geval geacht vergelijkbaar te zijn met de Nederlands-Antilliaanse winstbelasting.
11. Bij ministeriële beschikking met algemene werking kunnen buitenlandse belastingregimes worden aangewezen, die voor de toepassing van dit artikel vergelijkbaar worden geacht met de Nederlands-Antilliaanse winstbelasting.
12. De onafhankelijke deskundige doet een afschrift van de verklaring, bedoeld in het tiende lid, direct toekomen aan de Inspecteur gelijktijdig met de afgifte van diens goedkeurende verklaring als bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, onder 3°, aan het bestuur van de vennootschap.
13. Indien het bedrag dat de Vrijgestelde Vennootschap netto ontvangt aan dividenden waarvoor de verklaring, bedoeld in het tiende lid, niet kan worden afgegeven meer bedraagt dan vijf percent van de som van de voordelen, behaald met de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, onder 4°, wordt door de onafhankelijke deskundige in voornoemde verklaring daarvan melding gemaakt ten behoeve van de Inspecteur. Na ontvangst van de verklaring met de melding, bedoeld in de vorige volzin, stelt de Inspecteur de vennootschap onverwijld schriftelijk, bij voor bezwaar vatbare beschikking, in kennis dat de vennootschap niet meer voldoet aan de voorwaarden om als Vrijgestelde Vennootschap te worden aangemerkt.
 

Verklaring onafhankelijke deskundige

Onderstaande analyse is bedoeld voor professionals.

Inleiding Goedkeurende verklaring van een onafhankelijke deskundige inzake de jaarrekening

Een Vrijgestelde Vennootschap is een als zodanig door de Inspecteur op schriftelijk verzoek aangemerkte naar het recht van de Nederlandse Antillen opgerichte besloten vennootschap welke gedurende het boekjaar zonder onderbreking voldoet aan bepaalde voorwaarden. Een van de voorwaarden luidt:

"het bestuur van de vennootschap maakt jaarlijks een jaarrekening op die door een door de algemene vergadering benoemde onafhankelijke deskundige wordt gecontroleerd en binnen twaalf maanden na afloop van het boekjaar van een goedkeurende verklaring wordt voorzien."

In dit artikel zal vanuit civielrechtelijke als ook fiscaalrechtelijke optiek gekeken worden naar in deze voorwaarde genoemde termen "jaarrekening", "onafhankelijke deskundige" en goedkeurende verklaring".

Jaarrekening

Civielrechtelijke optiek
Vanaf I maart 2004 is met name titel 6 van Boek 2 BW van toepassing op BV's. In artikel 216, lid 4 Boek 2 BW is opgenomen op welke wijze een jaarrekening moet worden opgesteld:

"De jaarrekening geeft volgens normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd een zodanig inzicht dat een verantwoord oordeel kan worden gevormd omtrent het vermogen en het resultaat alsmede, voor zover de aard van een jaarrekening dat toelaat, omtrent de solvabiliteit en de liquiditeit van de vennootschap.

Artikel 219 bepaalt verder:

''De artikelen 216 en 217 gelden niet voor de vennootschap die in haar statuten de artikelen 120 tot en met 122, al dan niet tezamen met de artikelen 123 en 124, van toepassing heeft verklaard. In dat geval zijn ook de artikelen 125 en 126 van toepassing."

Deze bepaling wordt vrijwel nooit in de statuten van een besloten vennootschap, welke opteert om de vrijgestelde vennootschap status te verwerven voor de Nederlands Antilliaanse winstbelasting, opgenomen. In het vervolg wordt daarom deze mogelijkheid buiten beschouwing gelaten.

Fiscaalrechtelijke optiek
Artikel 3, lid 2 van de Landsverordening op de winstbelasting 1940 bepaalt:

"De in een boekjaar genoten winst wordt bepaald volgens goed koopmansgebruik, met inachtneming van een bestendige gedragslijn welke onafhankelijk is van de vermoedelijke uitkomst en welke slechts gewijzigd kan worden indien goed koopmansgebruik dit rechtvaardigt."

Artikel 4, lid 1 en lid 2 van de Landsverordening op de winstbelasting 1940 bepalen voorts:

"Onder winst wordt verstaan de som van de voordelen die onder welke naam en in welke vorm ook, zuiver worden verkregen uit bedrijf en uit buiten bedrijf gebezigd kapitaal. 
Tot deze voordelen wordt mede gerekend het voordeel uit vervreemding van zaken, die niet voor verkoop bestemd waren, en in hel algemeen, elke met zodanige zaken - al ware het na staking van het bedrijf - verkregen voordeel."

Beschrijving verschil
Fiscaal dient andere waarderingsgrondslagen gehanteerd te worden dan civielrechtelijk. Een fiscale jaarrekening voor een besloten vennootschap met een vrijgestelde vennootschap status voor de Nederlands Antilliaanse winstbelasting zal regelmatig van een civielrechtelijke verschillen. Met name op het gebied van waardering van deelnemingen.

Consequenties verschil
Indien in een fiscale wet gesproken wordt van "de jaarrekening" dient daaronder een jaarrekening verstaan te worden welke op grond van fiscale grondslagen is opgesteld. Hierdoor zou gesteld kunnen worden dat een goedkeurende verklaring van een civielrechtelijke (statutaire of vennootschappelijke) jaarrekening niet als voldoening aan de voorwaarde voor de vrijgestelde vennootschap status kwalificeert.

Onafhankelijke deskundige

Civielrechtelijke optiek
De term "onafhankelijke deskundige" komt in Boek 2 BW niet voor. Wel de term "externe deskundige". In artikel 217 is opgenomen:

"De algemene vergadering of een ander daartoe bij de statuten aangewezen orgaan is zonder beperking bevoegd om een externe deskundige te benoemen ten einde op de boekhouding regelmatig toezicht te houden. alsmede aan de algemene vergadering verslag uit te brengen omtrent de door het bestuur opgemaakte jaarrekening."

Wat onder de term "externe deskundige" verstaan dient te worden is echter niet vastgelegd tn
titel 6 van Boek 2 BW. In artikel 121, lid 1 inzake de grote NV's is opgenomen:

"De vennootschap verleent aan een externe deskundige die bevoegd is tot het afleggen van de in het vijfde lid van dit artikel bedoelde verklaring, de opdracht tot onderzoek van de jaarrekening. De opdracht kan worden verleend aan een organisatie waarin deskundigen die mogen worden aangewezen, samenwerken."

In lid 6 van genoemd artikel is vervolgens opgenomen:

"Tot het afleggen van de in het vijfde lid bedoelde verklaring is bevoegd een registeraccountant in de zin van de Nederlandse regelgeving, een accountant-administratieconsulent als bedoeld in artikel 2.393.,eerste lid, Nederlands BW, een certified public accountant in de zin van de regelgeving in de Verenigde Staten, alsmede iemand die door de Minister belast met Economische Zaken bij een herroepelijke vergunning als deskundige is toegelaten op grond van een bewijs dat betrokkene voldoet aan eisen van bekwaamheid. Deze eisen moeten op een niveau liggen dat gelijkwaardig is aan dat van een registeraccountant, account-administratieconsulent als bedoeld of certified public accountant als bedoeld. De Minister kan aan de vergunning voorwaarden verbinden.

Uit de context van deze civiele bepalingen kan afgeleid worden dat een externe deskundige voor een BV ook iemand kan zijn die geen RA, AA, CPA of gelijkwaardige opleiding heeft gevolgd.

Fiscaalrechtelijke optiek
De term "onafhankelijke deskundige" is in de Landsverordening op de winstbelasting 1940 danwel in de Algemene landsverordening Landsbelastingen niet verder gedefinieerd. In de Staten van de Nederlandse Antillen is echter door de Minister de vraag van het Statenlid Metry beantwoord inzake welke groepen beschouwd worden als onafhankelijke deskundigen. Het Statenlid Metry vroeg zich af of het de bedoeling van de Regering was om slechts registeraccountants, consulenten en CPA 's "Certified Public Accountants" te laten fungeren als onafhankelijke deskundigen.

De Minister heeft op deze vraag geantwoord (vertaald vanuit het papiaments naar het Nederlands):

"Meneer de Voorzitter, de heer Metry heeft vragen gesteld over artikel 1, lid 1, deel g, nu f van (de Landsverordening op de) Winstbelasting (1940)(P.B. 1999. no. 244) waar de voorwaarde staat dat de jaarrekeningen van een bedrijf moeten worden gecontroleerd door een onafhankelijke deskundige die worden benoemd door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. De vraag is, welke beroepsgroep is nou gekwalificeerd voor een dergelijke positie en of alleen registeraccountants en CPA 's als zodanig kunnen fungeren. Ik moet zeggen dat ook wordt gedacht aan personen met een HBO-opleiding of een SPD-opleiding, maar deze mogen natuurlijk niet in dienst van het bedrijf zijn."
Beschrijving verschil
Fiscaal dient de fiscale jaarrekening door een onafhankelijke deskundige beoordeeld te worden en van een goedkeurende verklaring te worden voorzien. Dat is wat anders dan dat een externe deskundige regelmatig toezicht houdt op de boekhouding, alsmede aan de algemene vergadering verslag uit te brengen omtrent de door het bestuur opgemaakte (civielrechtelijke) jaarrekening; zoals genoemd in artikel 217 Boek 2 BW.

Consequenties verschil
Het opnemen van een statutaire bepaling inzake de verplichting om de jaarrekening door een externe deskundige te laten beoordelen is onjuist daar ten onrechte begrippen uit verschillende rechtsgebieden door elkaar heen gebruikt zijn.

Goedkeurende verklaring

Civielrechtelijke optiek
In titel 6 van Boek 2 BW wordt niet gesproken over het goedkeuren door een externe deskundige van een jaarrekening, Zoals hiervoor reeds is aangehaald is opgenomen in artikel 217 Boek 2 BW:

"De algemene vergadering of een ander daartoe bij de statuten aangewezen orgaan is zonder beperking bevoegd om een externe deskundige te benoemen ten einde op de boekhouding regelmatig toezicht te houden, alsmede aan de algemene vergadering verslag uil te brengen omtrent de door het bestuur opgemaakte jaarrekening."

In titel 6 wordt derhalve in het geheel geen mogelijkheid geboden, anders dan middels artikel 219 Boek 2 BW, om een externe deskundige een jaarrekening te laten beoordelen en zomogelijk van een goedkeurende verklaring te laten voorzien.

Een naar Nederlands recht opgeleide RA of AA interpreteert de term "goedkeurende verklaring" conform het Nederlandse artikel 393, lid 6 BW. De goedkeurende verklaring bij de jaarrekening betekent dat deze naar het oordeel van de accountant het in artikel 2:362 lid 1 BW (Nederland) vereiste inzicht geeft en ook overigens voldoet aan de wettelijke voorschriften. Dit is een accountantsverklaring die alleen een naar Nederlands recht opgeleide RA of een AA met aantekening mag afgeven.

In de Nederlands Antilliaanse wetgeving is geen bepaling opgenomen waarin een Nederlandse RA of A A met aantekening als accountant dan wel externe deskundige wordt gedefinieerd, anders dan in genoemd artikel 121, lid 6 Boek 2 BW inzake de goedkeuring door een externe deskundige bij grote NV's. (Er bestaat wel de LANDSVERORDENING van de 9de juli 1971 houdende regelen betreffende de bescherming van de titel registeraccountant maar die bepaalt alleen dat de titel "registeraccountant" binnen de Nederlandse Antillen beschermd is.)

Een externe deskundige zou mogelijk ook voor titel 6 Boek 2 BW personen kunnen zijn met een HBO-opleiding of een SPD-opleiding. Een "goedkeurende verklaring" van een dergelijk persoon valt niet te vergelijken met hetgeen een accountantsverklaring die alleen een naar Nederlands recht opgeleide RA of een AA met aantekening mag afgeven.

Fiscaalrechtelijke optiek
De goedkeurende verklaring moet in het licht gezien worden van degene die volgens de Landsverordening op de winstbelasting 1940 een dergelijke verklaring mag afgeven; ook personen met een HBO-opleiding of een SPD-opleiding mogen een goedkeurende verklaring afleggen.

 

Op pagina 10 van de Memorie van Toelichting bij PB 1999, no. 244 bij de invoering van de mogelijkheid te opteren van de fiscale faciliteit van de Vrijgestelde Vennootschap voor de winstbelasting is opgenomen wat het doel is van de goedkeuring:

"Met het stellen van deze voorwaarde wordt beoogd te voorkomen dat Vrijgestelde Vennootschappen voor niet gewenste activiteiten worden gebruikt. Ook de gestelde tweede, derde en vijfde voorwaarden moeten in dit kader worden gezien."

In november 2009 is een wijziging in de Landsverordening op de winstbelasting 1940 aangenomen. In de wet is thans opgenomen:

Nieuw tweede volzin van artikel 1A, lid 1, onderdeel f,

Voorts stelt de onafhankelijke deskundige de verklaring, bedoeld in het tiende lid, op indien door de vennootschap in het betrokken boekjaar dividenden zijn genoten als bedoeld in dat lid;

Het tiende lid luidt vervolgens:

10. Indien door een Vrijgestelde Vennootschap in enig boekjaar dividenden zijn ontvangen, welke zijn uitgekeerd op aandelen in een vennootschap, die niet binnen de Nederlandse Antillen, Aruba of Nederland is gevestigd, verstrekt de in het eerste lid, onderdeel f, onder 3°, genoemde onafhankelijke deskundige bij diens goedkeurende verklaring van de jaarrekening een verklaring ten behoeve van de Inspecteur inhoudende dat de vennootschap, die de dividenden heeft uitgekeerd, onderworpen is aan een belasting die aldaar in enige vorm naar de winst wordt geheven en vergelijkbaar is met de Nederlands-Antilliaanse winstbelasting. Een winstbelasting-regime dat voorziet in een belastingtarief, dat de helft bedraagt van het Nederlands-Antilliaanse winstbelastingtarief - zonder eilandelijke opcenten -, wordt in ieder geval geacht vergelijkbaar te zijn met de Nederlands-Antilliaanse winstbelasting.

In de nieuwe leden 12 en 13 van artikel 1A wordt de inhoud van de verklaring en de aanbieding verder geregeld:

12. De onafhankelijke deskundige doet een afschrift van de verklaring, bedoeld in het tiende lid, direct toekomen aan de Inspecteur gelijktijdig met de afgifte van diens goedkeurende verklaring als bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, onder 3°, aan het bestuur van de vennootschap.
13. Indien het bedrag dat de Vrijgestelde Vennootschap netto ontvangt aan dividenden waarvoor de verklaring, bedoeld in het tiende lid, niet kan worden afgegeven meer bedraagt dan vijf percent van de som van de voordelen, behaald met de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, onder 4°, wordt door de onafhankelijke deskundige in voornoemde verklaring daarvan melding gemaakt ten behoeve van de Inspecteur. Na ontvangst van de verklaring met de melding, bedoeld in de vorige volzin, stelt de Inspecteur de vennootschap onverwijld schriftelijk, bij voor bezwaar vatbare beschikking, in kennis dat de vennootschap niet meer voldoet aan de voorwaarden om als Vrijgestelde Vennootschap te worden aangemerkt.

Beschrijving verschil

Het verschil tussen een goedkeurende verklaring van een externe deskundige en een onafhankelijke deskundige kan beperkt blijven indien beseft wordt dat de in Nederland gebezigde term inzake een goedkeurende verklaring geen accountantsverklaring inhoudt. Gelet op de intentie van de wetgever is het daarnaast belangrijker als onafhankelijke deskundige om vast te stellen of aan de voorwaarden is voldaan, dan een cijfermatige analyse te maken van de jaarrekening waarbij gekeken wordt naar materialiteit en toleranties.

Vraag is bovendien of een externe of onafhankelijke deskundige, die de jaarrekening goedkeurt, kennis heeft van de specifieke aanvullende fiscale voorwaarden die afgegeven moet worden aast de goedkeurende verklaring.

Consequenties verschil
Een accountantsverklaring is een te zware verklaring voor hetgeen in de Landsverordening op de winstbelasting 1940 wordt verlangd als een "goedkeurende verklaring". Een samensteliingverklaring zou bijvoorbeeld ook reeds volstaan. Niet echter van de civielrechtelijke jaarrekening, maar van de fiscaalrechtelijke jaarrekening. Ook SPD-ers or HBO-ers en dergelijke (Academisch geschoolde Fiscaal Economen om maar te noemen) kwalificeren om een "goedkeurende verklaring" af te geven. Een fiscalist is beter in staat te onderzoeken of voldaan wordt aan de nieuwe verklaring inzake de onderworpenheid van de dividenduitkerende deelneming. Het is dan ook logischer dat deze ook als onafhankelijke deskundige de jaarrekening van een goedkeurende verklaring voorziet.

 

Overgangsregeling offshore

Op 19 december 2001 is in de Staten van de Nederlandse Antillen het NFR aangenomen. Ten opzichte van de concepten zoals deze in 1999 waren aangenomen maar welke nog niet van toepassing waren verklaard zijn er wel enige wijzigingen aangebracht. 

 

OVERGANGSREGELINGEN NFR-REGIME
Op grond van de garantieverordening kunnen bestaande offshore vennootschappen (zie hierna) tot 2019 (1 juli 2020) onder het oude regime voor de winstbelasting blijven. Deze lange overgangsperiode stuit in de OECD weliswaar op problemen, maar de onderbouwing van deze periode is dusdanig dat de OECD hiervoor begrip heeft getoond, mede doordat landen in soortgelijke positie als de Nederlandse Antillen momenteel nog veel minder ver zijn met het aanpassen van hun wetgeving om tegemoet te komen aan de wensen van deze instelling. Nederland sluit zich voor wat betreft de Nederlandse Antillen in internationaal verband aan met de opvattingen van de OECD.

 

OVERGANGSREGELING VOOR OFFSHORE LICHAMEN
Om in ieder geval recht op de overgangsregeling voor het offshoreregime te hebben dient een lichaam opgericht te zijn:

  • vóór 1 juli 1999;
  • na 1 juli 1999 maar voor 1 januari 2002 wezenlijke activiteiten te hebben ontwikkeld.

Indien een lichaam is opgericht vóór de inwerkingtreding van het NFR kan zij opteren voor de offshore status. Vanaf de datum van inwerkingtreding van het NFR kan het lichaam nog 1 jaar gebruik maken van het offshore regime. Bestaande onshore vennootschappen kunnen, indien zij voldoen aan de voorwaarden, ook in dat eerste jaar na de inwerkingtreding van het NFR opteren voor het offshore regime, om daarna weer verplicht terug te keren naar het onshore (NFR) regime. 

 

BRK VANAF 1 JANUARI 2002
Artikel 11 van de BRK is onlangs zodanig aangepast dat de Nederlandse bronheffing op dividenduitkeringen met BRK bescherming zullen worden beperkt tot 8,3% en dat deze Nederlandse bronheffing als voorheffing voor de Nederlands Antilliaanse winstbelasting dient te gelden. Nadat de belastingplichtige in de Nederlandse Antillen (nihil) aangifte voor de winstbelasting heeft gedaan, zal Nederland de afgedragen bronheffing overmaken aan de Nederlands Antilliaanse overheid. Het is de verwachting dat de BRK zo wordt aangepast, dat de bronheffing in haar geheel verdwijnt.

MOGELIJKHEDEN NEDERLANDSE ANTILLEN VOOR DE TOEKOMST
Ondanks de invoering van het NFR en dus de afschaffing van het offshore regime in de winstbelasting zullen de Nederlandse Antillen een zeer belangrijke rol kunnen blijven spelen op het gebied van internationale tax planning. Allereerst kan gewezen worden op de ruime overgangsregelingen, zodat de Nederlandse Antillen voorlopig nog de bestaande offshore kan blijven bedienen. Daarnaast bieden (redelijk) nieuwe producten nieuwe mogelijkheden. Te denken valt aan de Nederlands Antilliaanse B.V., de Stichting Particulier Fonds en de E-commerce wetgeving. Ook het NFR is zo gek nog niet, want het biedt op een aantal punten aantrekkelijke mogelijkheden. Toekomstige verdragen (gesproken wordt onder andere met de Verenigde Staten, Italië, Luxemburg en Barbados) maken internationale tax planning nog steeds mogelijk.