Font Size

SCREEN

Profile

Layout

Menu Style

Cpanel

Loonbelasting algemeen

De loonbelasting bepaalt dat er een belasting wordt geheven van werknemers. Werknemers zijn natuurlijke personen die tot een inhoudingsplichtige in dienstbetrekking staan of van een inhoudingsplichtige loon genieten uit vroegere dienstbetrekking van hemzelf of van een ander.

Als dienstbetrekking wordt beschouwd elke arbeidsverhouding, waarbij een gezagsverhouding bestaat tussen degene die werk opdraagt en degene die het uitvoert. Degene, tot wie een of meer personen in dienstbetrekking staan of degene die aan een of meer personen loon uit vroegere dienstbetrekking tot hemzelf of tot een ander verstrekt, wordt aangemerkt als inhoudingsplichtige.

Zie ook de handleiding Loonbelasting, alsmede de informatie op de site van de belastingdienst.


Vanaf 1 juni 2002 is daarnaast de bepalingen van de ketenaansprakelijkheid opgenomen voor de bouwsector en is tevens het begrip dienstbetrekking uitgebreid met de fictieve dienstbetrekking. De belasting wordt geheven door inhouding op het loon. Loon is al hetgeen onder welke naam of vorm ook uit een bestaande of vroegere dienstbetrekking wordt verkregen. Niet in geld verkregen loon wordt in aanmerking genomen naar zijn geldswaarde. Op deze regel zijn enkele uitzonderingen gemaakt. Het bedrag van de verschuldigde belasting over een loontijdvak van een jaar wordt vastgesteld volgens de inkomstenbelastingtabel.

Premies volksverzekeringen
Naast de loonbelasting worden er ook premies AOV/AWW en AVBZ ingehouden op het loon door de werkgever. De premies Algemene Ouderdomsverzekering en Algemene Weduwen- en Wezenwet bedragen samen 14% over het premie-inkomen dat in 2009 NAf 77.544 bedraagt.

Voor zelfstandigen met een laag inkomen bestaat een “gliding scale”, zodat tegemoetgekomen wordt aan het feit dat zelfstandigen zowel het werkgevers, alsook het werknemersdeel moeten afdragen. De Algemene Verzekering Bijzondere Ziektekosten is in 1997 ingevoerd. Het percentage bedraagt in totaal 2% (uitzonderingen daargelaten). Hiervoor geldt als maximaal premie-inkomen van bijna NAf 400.000. Een gedeelte van de premie (1,5%-punt) komt voor rekening van de werkgever en het overige voor rekening van de werknemer. Voor inkomsten uit een vroegere dienstbetrekking geldt dat het percentage 1,5% bedraagt. 

De Landsverordening op de Loonbelasting is in 1976 ingevoerd.

Daarvoor werd de belasting over deze inkomsten alleen in de inkomstenbelasting betrokken. De Loonbelasting is een voorheffing voor de inkomstenbelasting waarbij de belasting wordt ingehouden ten tijde van de uitbetaling van het loon.

Pensioenopbouw

Binnen de Nederlandse Antillen wordt de basisvoorziening voor de oude dag gevormd door de Algemene Ouderdomsverzekering (hierna: AOV). De maandelijkse uitkering, die men vanaf het bereiken van de leeftijd van 60 jaar hieruit krijgt, is naar huidige maatstaven onvoldoende om van een onbezorgde oude dag te kunnen genieten, Wil een werknemer kunnen genieten van een financieel zorgeloze oude dag, dan zal er dus een aanvulling op de AOV moeten worden gevonden. Veel werknemers op de Nederlandse Antillen hebben nog geen pensioenopbouw via hun werkgever. Indien er wel een pensioenregeling is overeengekomen als secundaire arbeidsvoorwaarde, kan de pensioenopbouw op verschillende wijze geschieden.

Allereerst kan het pensioen worden ondergebracht bij een pensioenverzekeraar. Nadelen daarvan zijn dat er een lage rekenrente wordt gehanteerd, de pensioenverzekeraar ook haar winstmarges inbouwt en dat het geld de onderneming verlaat, zodat het niet binnen de onderneming kan worden gebruikt.

Een oplossing hiervoor is het pensioen in eigen beheer houden. In deze situatie wordt een pensioenvoorziening gevormd op de balans van de vennootschap. De opbouw van deze pensioenvoorziening is daarbij volledig aftrekbaar van het resultaat van de onderneming. Risico is wel dat, mocht het met de onderneming slecht gaan er mogelijk onvoldoende gelden aanwezig zijn om het pensioen te zijner tijd te kunnen betalen. Daarnaast is er  natuurlijk het risico dat iemand langer leeft dan berekend is op basis van de sterftetabellen. In dat geval moet meer dan hetgeen is gereserveerd worden uitbetaald. Voordeel aan de andere kant is de kans op vooroverlijden.

Aan te raden valt om bij pensioenopbouw in eigen beheer een deel van het risico, namelijk het risico van het weduwen- en invaliditeitspensioen wel onder te brengen bij een professionele pensioenverzekeraar, omdat de financiële gevolgen in het voorkomende geval verstrekkend kunnen zijn.  De besparing van de kosten van een verzekeringsmaatschappij, alsmede het feit dat de gelden binnen de onderneming kunnen worden aangewend geven vaak aan de werkgever de voorkeur voor deze variant. De werknemer geniet de voordelen hiervan niet of nauwelijks, terwijl het in eigen beheer van de werkgever gehouden pensioen wel meer risico's met zich meebrengt van bijvoorbeeld het faillissement van deze werkgever.

Om enigszins tegemoet te komen aan beide opties, kan gekozen worden voor een derde optie: het in een aparte rechtsvorm onderbrengen van de pensioenvoorzieningen. Dit kan in de vorm van een pensioen N.V. /B.V.of een Stichting (directie) pensioenfonds.

Naast het feit dat er een aantal fiscale voorschriften is ten aanzien van de maximale hoogte en de berekeningswijze van de pensioenvoorziening in eigen beheer is er een aantal formele vereisten.

Formele vereisten bij pensioen in eigen beheer

Ten eerste dient de voorziening te zijn toegezegd door de algemene vergadering van aandeelhouders en deze toezegging dient ook als zodanig schriftelijk te zijn vastgelegd in de notulen van de algemene vergadering van aandeelhouders. Daarnaast dient er een pensioenbrief of een pensioenreglement te zijn waar de aanspraken en de verplichtingen en rechten van de pensioengerechtigde, alsmede de rechten en verplichtingen van de pensioentoezeggende vennootschap zijn opgenomen. Deze documenten dienen te allen tijde aanwezig te zijn en te voldoen aan de op dat moment van toepassing zijnde regelgeving.

Voldoet de toezegging en de daarbij behorende berekeningen en formaliteiten niet aan de fiscale vereisten, dan zal de pensioenvoorziening door de fiscus als een onzuivere regeling worden beschouwd met verstrekkende gevolgen voor de loonbelasting.